Ergens in een bocht ...
en een getikte Tikkie
Ik dwaal wel eens af en zodoende kwam ik, op weg terug naar huis, bij mijn stamcafé langs. Om strategische reden ligt mijn stamkroeg maar honderd meter bij onze slaapplaats vandaan. Bij bijzonder zwaar weer kan ik zelfs ruggelings, watertrappend weer thuis komen, als daar de nood aan den man zou zijn.
Als b.g.m. (bijzonder goed mens) let ik erg op het wel en wee van mijn boxerhond en zag aan de lengte van zijn tong dat hij erg dorstig was. Dan vraag ik altijd (voor we thuis zijn) een bakje vers getapt water voor hem en een pilsje voor mij. Ik ben maar een eenvoudig mens, vlug tevreden en kiepte mijn glaasje leeg. Het eerste smaakt nooit, moet alleen je mond spoelen en keel ontsmetten.
Terwijl ik met mijn ogen naar het tweede (temperatuur stabiliserende) uitkeek, viel mijn blik op de man in de hoek. Die hield een krant op zijn kop voor zijn kop. Omdat de zon niet in zijn gezicht scheen en er op dat moment ook geen andere verblindende verlichting onstoken was, het zicht was immers meer dan tien meter, zat ik met een probleem want mijn grootste ondeugd is ... nieuwsgierigheid. Ik ben als ouwe vent ook een oud wijf maar omdat ik veel drink kan ik het tegen elkaar afschrappen en blijf ik jong, als een nieuwsgierig kind. Gratis tip van vandaag! Trai ut.
Ik schoof bij de man aan en vroeg of hij mischien een speciale bril had om kranten te lezen. De man legde de krant neer, schoof zijn bril op en zei duidelijk: ”Nee! Als je de krant moet geloven, staat de wereld op zijn kop en daarom lees ik de krant op de kop, dan blijft mijn wereld recht op zijn benen.”
Ik was met stomheid geslagen en zei weer ”Godju!” en vroeg om bedenktijd te krijgen aan de kastelein of hij de glazen wel goed gespoeld had. Die was helemaal niet zeker van zijn waterbak, hield een paar glazen tegen het darklight en spoelde ze opnieuw, zag ik in het UV van de jukebox. Ik leverde fluks mijn lege tweede in en meldde dat er een rotlucht aan zat en dat ik nu een compensatie verwachtte.
”Ik ben filosoof”, zei de man. ”Hik”, kon ik slechts als kort antwoord geven en ... als je ook lang jong wilt blijven zul je morgen hier terug moeten komen. Voor vandaag ben ik aan mijn emotionele einde gekomen.
 |
Ich höb huuere zigke dat:
Met Bleeker kan het alleen maar bleker worden, het bleekst sinds de uitvinding van de bleekput.
|