Ezel

Soms voel ik mij een ezel. Jij kent dat gevoel ook? Gelukkig, dan ben ik niet alleen. Nu komt echter het probleem, leg dat eens uit. Hoe voelt dat? Voelen als een ezel! Na enig gepeins besluit ik dit projectmatig aan te pakken. De evaluatie van alle rampen in dit land wordt immers ook projectmatig aangepakt. De zogenaamde harde conclusies en lessen voor de toekomst zijn vervolgens geheel vrijblijvend. Dit spreekt me wel aan, lijkt me een geschikte manier om mijn ezel om de tuin te leiden.
Ik ga dus eerst een ezel beschrijven. Als het je niet interesseert - hoef je niet verder te lezen hoor - maar je hoeft ook niet bang te zijn dat ik over jou schrijf. Ik heb het alleen over mijn ezel. Overeenkomstigheden zijn alleen maar toeval.
De ezel (equus asinus) heeft waarschijnlijk vroeger niet in de bouw gewerkt, want hij stoot zich geen twee keer aan dezelfde steen. Ik heb ook nooit in de bouw gewerkt, dus het bouwvakkersgevoel kan het niet zijn.
Wat wordt eigenlijk bedoeld met een schildersezel? Is dit een domme schilder? Is dit zijn ezel? Zo ja, welke dan? Dat beest met lange oren buiten in de wei of het toestel dat zijn schilderij draagt? Waarom zou dat een ezel genoemd worden? Indien ik moet kiezen, zal ik uitsluiten. Ik beslis dus dat van het beest in de wei salami is gemaakt. Blijft de andere ezel over. Wat een geëzel zeg! Verrek ezel kun je vervoegen, dat wist ik nog niet, dat is interessant. Ik ezel, jij ezelt, wij hebben geëzeld. Ik vermoed dat dit iets is dat je bij die schilder doet. Een soort poseren dus. Gelukkig daar zijn we uit, voordeel van een projectstructuur gebruiken, nietwaar?
Nietwaar zegt je? Ezelen is hard werken? Jemig, dat ik daar niet op kwam. Dat is hem. Als je moe bent van het werken ben je een ezel. En ik maar altijd denken dat een moe ezel een ezelin was. Hoe zou een pa ezel zich eigenlijk noemen? Die pa ezel, die moet bestaan, want je hebt ook een ezelsveulen. Ik gok erop dat pa ezel een ezelaar is.
Wist je dat ezeltjes ook kunnen piepen? Welwaar! Ik heb het vroeger gelezen in een jongensboek. Ezeltjes laten piepen is een winkeldiefstal plegen. Zo komt Sinterklaas aan zijn informatie vermoedde ik vroeger. Die heeft een stal vol ezels en dan gaat hij luisteren wat die piepen. Erg slim van hem. En dan had je vervolgens grote kans dat je op een ezelenbank straf moest zitten met twee grote ezelsoren. Die ezelenbank kon je alleen maar bereiken via een ezelsbruggetje. Zoiets als het kofschip op zee. Iedereen die daarop aanmonsterde was ezelsdom. Die kofschippers hadden ook een feestdag, dan werd het ezelsfeest gevierd. Men zeulde dan met een houten ezel rond. Waarschijnlijk was dat een stokezeltje. Later, onder invloed van het Anglicisme, is dit verbasterd tot stokpaardje. Die Engelse dames vonden het gênant om met zo'n stokezeltje rond te lopen, deed hun teveel aan hun echtgenoot denken en daarom kozen zij voor een stokpaardje. Snap je? Eigenlijk is er niets nieuws in de stal. Om op zo'n Anglicaans feest anoniem te blijven, men wilde er helemaal als ezel uitzien, droeg men een ezelshoofd. Look and feel good, like a donkey!
Een ezelskop zegt je? Dat is weer iets anders. Dat is een domkop, juist iemand met twee ezelsoren en een koptelefoon. Een zogenaamd hopeloos geval. …. Nu heb ik het weer, dat gevoel van ezel zijn. Juist het is hopeloos, ik hopeloos. Jij hopeloost ook, hopelijk?




(C)

FvdB

juni 2001

email me mailbus van Frants van de Bareschjop terug naar het archief