Hetero.

In onze krant stond een cartoon. Friso, het rondbuikige broertje van Willem Alexander, flaneert over het trottoir en voor hem loopt een gewillige lakei die het bordje heteroseksueel omhoog houdt. Grappig? Zielig? Ik weet het niet!
Ik ben ook hetero, voel echter niet de behoefte om dat over de trottoirs te laten dragen. "Heb jij ook niet nodig", zei mijn Lulu desgevraagd: "Dat ziet ieder normaal mens aan jou, jij straalt hetero uit". Tussen haakjes, dat kunt je zelf ook controleren, beweeg maar eens de cursor over het plaatje in de kop. Klopt?

Met zo'n antwoord wordt mijn nieuwsgierigheid alleen maar groter, straalt die hoogheid dat dan niet uit? Ik heb wat snapshots van hem, uit de roddelbladen van Lulu en de buurvrouw, lang bekeken. Eerlijk is eerlijk, hij straalt dat niet uit. Maar evengoed, hij straalt in mijn optiek ook niet als homo. Dus is mijn conclusie, hij is onzijdig. Hij is nog een belofte, waarschijnlijk zal hij ons nog ooit verrassen. Ik werd ook ooit een keer verrast door een Fransoos. Die verkeek zich op mij of ik straalde niet goed.
Zo'n twintig jaar geleden, op een vakantie in Frankrijk en natuurlijk was in die periode weer een kampioenschap voetballen. Ik had verwacht dat Oranje niet ver zouden komen in het toernooi en nu dreigde een probleem te ontstaan, ze hadden zich gekwalificeerd voor de volgende ronde. Ik inventariseerde de kijkmogelijkheden in het dorpje waar de camping gelegen was. Bijna alle kroegen hadden TV. Helaas stond die overal binnen, nergens een TV op een terras. Dit bleek bij informatie ook niet mogelijk. Fransen kijken schijnbaar alleen TV in omgebouwde sauna's. Voor de zekerheid informeerde ik of die bewuste avond wel werd afgestemd op de match avec les Hollandais. Bien sûr, bij mijn naamgenoten is de gast koning en de kastelein verzekerde me dat alle wedstrijden van onze nationale elf met enthousiasme gevolgd werden. Ik zei dus voorzichtig tegen Lulu dat we ruim voor de aftrap aanwezig moesten zijn wilden we een verzekerd zijn van een goed plekje. Helaas, mijn echtgenote gaf die avond de voorkeur aan klets met de Duitse buren in de open Franse lucht, dus ik moest solo Nederland supporteren.
Trots droeg ik mijn oranje T-shirtje met "Holland". Als er straks iets te vieren viel, wisten de Fransen in ieder geval wie ze moesten toejuichen. Het terrasje van mijn uitverkoren arena was zoals meestal tjokvol. In de halfdonkere, benauwde kroeg was dus … niemand. Tevreden zocht ik een plekje aan de bar. Het duurde een tijdje voordat de waard zich binnen vertoonde. Ik begreep al snel waarom, zijn zoontje zat achter de bar, luidruchtig op een potje, een grote bestelling te doen. Ik begreep, uit de akoestiek, dat veel knoflook in dit gezin op het menu stond. Ik bestelde een Duits biertje en vroeg of de TV aan mocht. Natuurlijk mocht dat en even later mocht ik genieten van een Frans drama. Waarschijnlijk was ik de enige indoor kijker in heel Frankrijk op dat moment.

Hé, daar kwam al een andere voetballiefhebber binnen, hij kwam naast mij zitten, gezellig. Hij bestelde een biertje voor ons beiden. Hij had dorst want meteen erna bestelde hij nogmaals. Ik maakte hem duidelijk dat ik kalm aan wilde doen, ik wilde per slot van rekening een hele voetbalwedstrijd zien. Na de goede afloop kon dan gefeest worden. Dit was een hele ingewikkelde zin voor mij, die ik wel een paar malen moest herhalen en veranderen, voordat een en ander tot hem doordrong. Hij begreep me volkomen, schoof heel enthousiast tegen me op en gaf me een kameraadschappelijke klap op de knie. Jemig, bij deze vent thuis stonden uien op het menu rook ik.
Ik kreeg een visioen van een lekker geurende Lulu onder een fris Acaciaboompje. Het akelige gevoel van waar ben je eigenlijk mee bezig begon me te bekruipen. Dan gaat het vaak snel met mij, dan ben ik niet meer heer en meester over me zelf. Dan neemt vaak de automatische piloot de besturing over. Snotsverdomme, ik zat hier met een ongewassen Fransoos, in een stinkend openbaar toilet, te kijken naar onverstaanbare onzin, lauw opboerend zuur bier te slempen en misschien verloren onze jongens straks ook nog. Op dat moment kneep de Fransman in mijn knie. Dat was de limit, mijn automatische piloot greep in. Ik kiepte mijn glas pils leeg in de smoel Fransman, drukte hem van zijn kruk en gvde een paar maal royaal in mijn moerstaal. Het drukkende jongetje sprong van zijn potje en ging blèrend op de loop.

Zo is het nu eenmaal het leven, je kunt niet eeuwig blijven keutelen. Je moet kakken of opstaan als Oranje voetbalt, nietwaar? Welwaar!



(C)

FvdB

maart 2001

email me mailbus van Frants van de Bareschjop terug naar het archief