Handjes.
Er zijn van die dagen, die zo bijgeschreven kunnen worden in het boek van de geschiedenis. Naar gelang van de aard van de gebeurtenis op een gouden of een zwarte bladzijde. De dag bijvoorbeeld dat Edison zijn eerste gloeilamp bouwde. Die dag kwam eerst op een gouden en daarna op een zwart blad. Waarom een dubbele boekhouding? Daarom!
Want, wie had toen gedacht dat het daarna nooit meer echt donker zou zijn? Niemand toch, nietwaar? Welwaar! De mensen van toen waren echt blij dat ze eindelijk het licht zagen.
Juist, en overdadig licht is nu een milieuprobleem. Een vriend van mij, die 's nachts sterren (mijn babes zegt hij) begluurt, beklaagt zich herhaaldelijk over de lichtvervuiling van de hemel. Een donkere bril schijnt daarbij niet te kunnen. Dan kan hij de kille warmte van zijn babes niet waarnemen!
Ik was vanmorgen dus nogal spastisch toen ik in de krant las dat voor de vrouwen in het gevecht met de zwaartekracht hulp voorhanden is. Dat kan op een gouden bladzijde. Maar heel erg de daarbij komende bijzaak, een regelrechte bedreiging voor onze mannenhandjes. Die zijn namelijk niet meer nodig, compleet overbodig zelfs, hooguit misschien nog geschikt om in eigen boezem te stoppen. Ik vrees dus ook een pikzwarte bladzijde. Waarom, waarvoor, hoe? Ik zal het proberen duidelijk te maken.
Je moet je de zwaartekracht voorstellen als een soort gewicht dat dag en nacht en overal aan alles trekt en sjort in één richting. Naar beneden. Dat is best handig want daardoor kunnen we niet van moeder kukelen. De kwalijke bijkomstigheid is dat wel alles te zijner tijd richting moeder aarde gaat hangen. Zoals in dit beoogd geval, borsten. De borsten van de vrouw wel te verstaan. Die van ons, mannen, blijven gelukkig voorlopig nog buiten deze vertraagde val. Alhoewel ik dat ook alweer waag te betwijfelen, de schepping gaat immers voort. Ik zag onlangs toch een vent op de TV. Ik zou zweren dat hij DD ... Die heeft dus ook dat probleem.
Door dat uitslovende gesjor van de zwaartekracht gaan uiteindelijk de borsten van onze geliefde dames naar de Filistijnen. Dat dit grote problemen in een familie kan opleveren weet iedereen van ons, die langer dan tien jaren getrouwd is. Wij mannen gaan dan vaak lonken, lonken naar minder aangetaste slachtoffers van de zwaartekracht. Dat kun je ons niet kwalijk nemen, want zo zijn we opgevoed. Wat zagen wij het eerste, wat genoten wij het eerste? Waaraan heeft men ons eerst liefdevol gelaafd en daarna hardvochtig verweten dat we verslaafd ... Juist!
En een man die lonkt, die gaat terug in zijn tijd, die bladert in zijn gouden boek, die droomt van zijn tandenloze periode, die stelt zich voor hoe dat zou proeven en voelen, dat proeven en ondersteunen van die vooruitstrevende, zachte verlokkende verleiders.
Tot zover zou er geen probleem hoeven te zijn. Maar het probleem is er wel degelijk omdat onze vrouwen dat weten. Neem nou maar van mij aan (40 jaar ervaring met een en dezelfde, je kunt mij dus op dit gebied beschouwen als een wetenschapper) dat onze vrouwen alles van ons weten. Vrouwen zijn soms net heksen, die kunnen gedachten lezen, ik zweer het. Wij weten bijna niks van vrouwen omdat wij dat niet kunnen. Zij weten alles van ons omdat zij dat wel kunnen, snap jum?
Omdat zij dus ook weten dat wij, als liefhebbende vasthouders, graag die dingen van hun wiegen - wat zij dan weer als prettig ervaren maar nooit zullen toegeven - dat weten wij wel weer gelukkig. Jemig, wat een geheim zeg, nog eventjes stilhouden. Juist, daarom dragen zij hun lekkernijen dus in een charmante, opwekkende verpakking, BH genaamd. Afkorting voor Bluf Huls volgens sommige kwaadsprekers. Dat schijnt geen lolletje te zijn. Maar derwille van de smeer likt de kat de kandeleer, nietweer? Juist, welweer alweer volgens die net eerder geciteerde kwaadsprekers.
Echter het nieuwe verkilde licht is in Engeland gaan schijnen. Daar is namelijk een revolutionaire Bluf Huls ontwikkeld. Een lichtgewicht, kunststoffen gevalletje, zonder de knellende en striemende nadelen van de bestaande modellen en uitvoeringen tussen het strakke, gesnoerde harnas en de nonchalante, losse push up of de onzichtbare monokini.
Het is natuurlijk weer een op puur geldelijk gewin beluste, alleen op korte termijn denkende, stomme met de fles groot gebrachte, roodharige vent, die dit bedacht heeft. Want de bijkomende reclame waarmee hij zijn melkkoe aan de vrouw probeert te brengen zou het ingebouwde draagcomfort zijn. Dit nieuwerwetse ding zou met succes de sensatie imiteren van het koesteren door een paar warme, goed passende, bereidwillige mannenhanden.
Als dit waar zou zijn, wat de hemel verhoede, dan hebben de vrouwen onze ondersteuning niet meer nodig. Dan kopen ze simpel die ingebouwde handjes. Om de paar weken een andere vent aan de tap, zonder verder gelazer. En ik zie het ze doen, hoor! Ze zijn er toe in staat!
Dat is dan funest voor het fijne gevoel in onze handen. Dan kan ik je nu al voorspellen dat het voorspel van de knoppen is. De fijne kneepjes van het vak zullen dan elders geleerd moeten worden. Dan kun je niet meer oefenen op een verborgen sluitinkje of een knellende haakje. Dan zit er nog maar een ding op. Juist, van armoede de hand in eigen zak steken en daar valt weinig te oefenen. Ik moet er niet aan denken, foei!
En de hand in eigen boezen steken, dat heb ik altijd al een fabel gevonden. Of heb je ooit een man, na Napoleon, dat gebaar nog zien maken?
Vandaag komt dus in het zwarte boek. Maar morgen komt een nieuwe dag! En misschien begint morgen de zomer. En als het zomer wordt is het warm en valt er weer heel wat te bezichtigen. Juist, diepe uitgesneden ... Shit dan moet ik toch weer mijn handen in mijn zakken houden!
(C) |
 |
maart 2001 |
|