Anders, of toch niet?

Alles is anders, wordt beter, dan - pak hem beet - zo'n vijftig jaren geleden. Dat valt iedereen op, dus ook mij. Neem nou es het weer. Vroeger stonden we op 2 november in de vrieskou op het kerkhof en herdachten onze dierbare overledenen. Ik had het zelfs bitter koud, want ik droeg geen overjas. Ik had er wel een, maar dat was een verknipte van een oom, waarin ik me schaamde. Hij was (die jas) geknipt op mijn groei, zodat mijn vriendjes hatelijk informeerden of ik binnenkort in het klooster ging. Liever de konen blauw van de kou dan het gloeiende schaamrood op de kaken, denk ik nu dat ik toen dacht. En nu op de kop af een halve eeuw later zit ik, weliswaar in een warme bodywarmer, op een verwarmd terras en lees de kop van een hitsig blad.
De bilnaad wordt volgend jaar het achterste decolleté, lees ik bij mijn buurman. Jemig, de broek zal dus indringend verknipt worden. Ik ben geen supporter van een koud stuitbeen en zie me dus voorlopig nog effe niet met zo'n openstaande achterste gulp rondhuppelen. Dit is meer iets voor mensen uit de showbizz. Dat genre mensen loopt vaak met hun specifieke kenmerken in de voorschouw. Het is eigenlijk hun meta tag voor de zoekmachine die publiek heet. De content is meestal de kont of het voorfront, nietwaar? Welwaar!
Juist, en vroeger herdachten we onze overledenen persoonlijk. Dat doen we nu gedelegeerd, via een duur bloemstukje door de bloemist. Allerzielen is immers als collectief als zovele andere treurige dingen afgeschaft. Van de doden niets dan goeds, over en uit.
De natuur die ons voorbracht, heeft ons ook opgezadeld met gevoelens zoals verdriet om verlies en gemis en tegelijkertijd de verdringing en de compensatie hiervan door de waan van de dag. De waan van de huidige tijd gebied ons te erkennen dat we het nog nooit zo weelderig hadden als tegenwoordig, echter vroeger was HET toch beter. Dat HET is een moeilijk te definiëren fenomeen, dat waarschijnlijk voor iedereen anders is. Aan de historische minkant, voorbije jeugd, tanende gezondheid enz. Aan de bedenkelijke pluskant, een riant pensioen, een redelijk banksaldo en nog wat andere zuur verdiende leuke dingen.
Vroeger gingen we op Allerzielen volle aflaten verdienen voor onze gestorven dierbaren, dmv uit- en ingaan. Dit hield in dat je in de kerk een zestal onze vaders en weesgegroetjes bad en vervolgens naar buiten ging en weer terug de kerk in. Als je dit goed deed had je een volle aflaat verdiend voor de ziel van de gestorvene voor wie je het deed. Die ging dan subiet van het vagevuur naar de hemel. Dit kon alleen op 2 november, ging het dus mis met de aflaten dan zat die arme ziel nog een jaartje in de vurige branding.
Ik bad dus zeer zorgvuldig en intens aflaten voor mijn vader en mijn moeder. Ze waren zeer jong overleden en ik wilde dat ze zo vlug mogelijk in de hemel kwamen en niet door mijn onzorgvuldigheid nog een jaar moesten lijden. Bezorgd dat ik toch iets fout gedaan had ging ik uiteindelijk naar huis. Je wist maar nooit, zekerheden in dit soort zaken had je niet. Trouwens e-mail of wap met de hemel is er nu nog niet. Die blauwe Jomanda uit Valkenburg, die beweert dat ze wel verbinding heeft, geloof ik niet. Volgens mij heeft dat mens een bewuste vernauwing en is ze rijp voor een broek met een open achtersplit. Een beetje frisse wind zorgt waarschijnlijk voor wat nuchtere beluchting en beleving van de dagelijkse aardse ondingen. Mijn wantrouwen jegens dit soort mensen is groot. Personen die waarheden of zekerheden verkondigen kun je beter niet vertrouwen heeft mijn wantrouwen mij geleerd.
Terug naar vroeger. Als ik na het aflaten bidden thuis? kwam, las ik om mijn eigen gerust te stellen, de bidprentjes van mijn ouders. Het waren brave en deugdzame mensen geweest. Ze moesten dus, verstandelijk geredeneerd, al lang in de hemel zijn. Daar zouden ze nu ongetwijfeld samen veel voor mij bidden, want ik deugde niet, vertelde mijn voogd - met vele voorbeelden - me steeds opnieuw. De wanhoop bekroop me dan. Als het gezamenlijke gebed van zalige, hemelse zielen zelfs niets opleverde, wat kon mijn onnozel aardse gebrabbel dan opleveren? De kiem voor enig pepast wantrouwen werd toen gezaaid.
Mijn wantrouwen werd volwassen toen een tiental jaren later de katholieke kerk het vagevuur als instituut afschafte. Waarschijnlijk kostte het teveel energie om hier nog langer aan te doen geloven. De duivel had als stoker plots geen werk meer en heeft zich gereïncarneerd als de grote plager van deze verlichte tijd. Weer heeft hij ons, net als vroeger, in zijn greep. Realistischer dan ooit tevoren. Was hij vroeger een mythologische figuur, ontsproten aan de inspiratie van kunstenaars, tegenwoordig is hij gepersonifieerd in de gedaante van een Saddam Hoessein, Milosovic of Bin Laden.
In plaats van aflaten bidden om de onderdrukten te verlossen wordt er gebombardeerd.
De duivel wordt echter niet geraakt, die is onkwetsbaar want hij is een deel van onze natuur.
Over hoeveel jaren zal dit bombarderen dan ook weer als foutief handelen bestempeld worden?
Wat mij betreft kan dat nu al.
Zodra je kinderen doodt om terorristen te raken ben je goed fout bezig. In feite maak je je schuldig aan dezelfde wandaden als degene die je bestrijdt.
Kan ik het helpen dat ik wantrouwend blijf in november?




(C)

FvdB

november 2001

email me
mailbus van Frants
terug naar het archief