Van OVS-er naar kompel




zittend vlnr:
Math Sturmans uit Schinveld, dhr. Manteleers uit Susterseel, Gunther Helwig uit Tudderen, Frits Hendriks uit Brunssum.
staand midden vlnr:
Thei Vrolings uit Brunssum, Jan ten Broek uit Brunssum, Hub Raets uit Schinveld, Piet Vos uit Brunssum
achterste rij vlnr:
Thei Jessen uit Tudderen, Thei Schoffels uit Koningsbosch, Jacob Joosten uit Schinveld en Thei Geurts uit Susterseel.


namen: Hein Verhooren



De opleidingsschool voor het ondergrondse mijnbedrijf was de OVS (Ondergrondse Vakschool)
Jonge mannen (eigenlijk nog kinderen) vanaf 14 jaar konden er terecht. De opleiding duurde drie jaren en en je ontving al meteen loon. Het eerste jaar werd nog aan enig algemeen onderwijs gedaan, maar sport en handvaardigheid waren erg belangrijk.
In het tweede jaar werd er al met halve dagen arbeid verricht in het bovengronds bedrijf. De aspirant-kompels werkten in groepjes van 6 man op de losvloer aan het schoonhouden van de sporen en wissels, bij de houtverlading op het houtterrein, op de leesvloer stenen uit de kolen halen, in de parken van de mijn, deden kleine reparaties in de werkplaatsen, enz.
Vier groepen vormden samen een troep, met een troepleider aan het hoofd. De troepleider haalde 's morgens rond 7.45 uur zijn troep op bij het OVS-badlokaal en marcheerde hen af naar de vlaggenmast waar zich ook de andere troepen verzamelden. Om 8 uur werd de vlag gehesen, een OVS-er las de OVS-wet voor en er werd nog een Onze Vader gebeden. Daarna ging men aan de slag.
In het derde jaar ging men dan enkele dagen per week ondergronds in de zogenaamde OVS-pijler werken.
Veel nadruk werd er gelegd op discipline en gehoorzaamheid. De Staatsmijnen hadden geen behoefte aan kritische en assertieve kompels ondergronds.
Per leerjaar werden vier rapporten gegeven. Het is niet verwonderlijk dat ”Houding en gedrag”, ”Netheid” en ”Vlijt” de bovenste drie items op de cijferlijst waren.
Ook was er een soort OVS-regelement, een variant op de 10 geboden. Gebod nr. 10 was: ”Ik wil gehoorzaam zijn zonder tegen te spreken”.
Bij het bereiken van het 18de levensjaar ging de OVS-er zogenaamd voorgoed ondergronds, maar voordat het zover was werd er nog eerst een week naar Spaubeek op retraite gegaan.
Ook was er enig ceremonieel vertoon bij deze definitieve stap uit het daglicht in de ondergrondse duisternis. Er was een soort receptie met de directie en er werd een officiele foto (zie boven) gemaakt die in de Steenkool, dat was het twee wekelijks Staatsmijnen-periodiek, werd afgedrukt.






(C)

FvdB

okt 2009



terug naar koelpiet
terug naar koelpiet